Punten van de kernset InEen
Punt 5
De triagist achterhaalt en benoemt het (medische) probleem en de ontwikkeling daarvan
Medisch
Toelichting
Het is in het grootste belang van de patiënt om in korte tijd helder te krijgen wat het (medische) probleem, de ontwikkeling van het (medisch) probleem en de situatie van de patiënt is.
De informatie is nodig voor het inzetten van de juiste vervolgactie.
Beschrijving optimaal handelen
- De triagist heeft het medische probleem , de ontwikkeling van het medische probleem en toestandsbeeld voldoende uitgevraagd en benoemd aan de patiënt;
- De triagist heeft hierbij aandacht voor hoofd- en bijkomende klachten, mate van acuut, beloop en een eventuele gebeurtenis;
- De triagist heeft de situatie van de patiënt voldoende nagevraagd en benoemd;
- In het geval van een ABCD(E) instabiele situatie is minimaal handelen de optimale uitvoering en van levensbelang.
Goedkeurcriteria (Score 4)
- Er is voor de situatie gehandeld zoals beschreven bij ‘optimaal handelen’;
- Er is sprake van een patiëntveilige situatie.
Afkeurcriteria (Score 1)
- De triagist houdt onvoldoende rekening met de ABCD(E)-stabiliteit van de patiënt en handelt
daar niet naar; - De triagist beschouwt de door melder/patiënt geuite klacht, zonder uit te vragen, als het
(medisch) probleem; - Het is onvoldoende duidelijk hoe de klachten zich de laatste uren hebben ontwikkeld;
- Er is sprake van een risicovolle en/of onveilige situatie voor de patiënt.
Score niet van toepassing
Deze mogelijkheid is niet van toepassing.
Punt 18
De triagist maakt adequaat gebruik van open en gesloten vragen
Communicatie
Toelichting
De informatie die nodig is voor de urgentiebepaling wordt het best verkregen met een goede balans tussen open en gesloten vragen.
Gesloten vragen zijn sturend en geven soms snel duidelijkheid, maar vergroten de kans op sociaal wenselijke of manipulatieve antwoorden.
Open vragen leveren veel informatie, en doorgaans meer objectieve informatie op, maar vragen tegelijkertijd de vaardigheid om de melder/patiënt te begrenzen om de relevantie van de
verstrekte informatie te waarborgen en de leiding van het gesprek te behouden.
Beschrijving optimaal handelen
- De triagist weet zich met een goede balans tussen het stellen van open en gesloten vragen
een zo helder mogelijk beeld van de klacht van de patiënt te vormen; - De triagist stelt in fase 1 open vragen ter ondersteuning van de open oriëntatie en
beeldvorming (toestandsbeeld); - In fase 2 kunnen soms (semi) gesloten vragen nuttig zijn om de triage te verbijzonderen;
- Is een hoge urgentie in het begin van het gesprek direct hoorbaar dan zijn open vragen niet aan de orde en zal juist op directieve en gesloten wijze de bedreiging van vitale functies
worden gecontroleerd; - Daarnaast moedigt de triagist de melder/patiënt aan door het stellen van open vragen. Er moet duidelijkheid verkregen worden over de aard van de klacht, hoe de klacht is ontstaan en
wat het verdere beloop hiervan is. Wat is de reden dat de melder/patiënt contact zoekt met de huisartsenpost voor hulp? Vragen als “Wat kan ik voor u doen?” of “Wat is er aan de hand?”
leveren onvoldoende informatie op. In de toon en de aard van de vragen klinkt geen oordeel over wat de triagist van het motief van de melder/patiënt vindt, de houding van de triagist
blijft te allen tijde open en sensitief voor signalen van de melder/patiënt
Goedkeurcriteria (Score 4)
- Er is gehandeld zoals beschreven bij ‘optimaal handelen’;
- De triagist gebruikt – in aansluiting op de fase van het gesprek – die vraagstelling die maximaal de kans geeft op de voor de toestand en urgentie relevante informatie;
- Er is sprake van een patiëntveilige situatie.
Afkeurcriteria (Score 1)
- Er is sprake van een risicovolle en onveilige situatie voor de patiënt.
Score niet van toepassing
Deze mogelijkheid is niet van toepassing
